Gratis haakpatroon: Zeemeermindeken

Een zeemeermindeken haken stond al heel lang op mijn verlanglijstje. In mijn hoofd was die al lang gevormd, maar het duurde even voor ik die ook zo gehaakt kreeg.
Toen ik in februari begon na te denken voor een verjaardagscadeau voor nichtje Emma’s 5de verjaardag, besloot ik dat het eindelijk eens tijd was om al die mentale plannen om te zetten naar de realiteit. En zo ontstond mijn eerste versie van de gehaakte zeemeerminnenstaart, in een gradiënt van groen naar blauw.

    

Tijdens het haken probeerde ik steeds zo trouw mogelijk op te schrijven wat ik had gedaan, maar omdat ik zeker wou zijn van mijn patroon alvorens het online te zwieren had ik mij voorgenomen nog een staart te haken. Toen een oud klasgenootje mij vroeg of ik het zag zitten er eentje voor haar dochter te maken was de ideale gelegenheid aangebroken. Zo ontstond de tweede zeemeermin, in een gradiënt van roze naar geel.

In mijn tadaa-bericht voor het eerste deken kon je al min of meer afleiden hoe ik dit deken haakte, maar ik was sowieso van plan om het mooi voor jullie uit te schrijven. Jullie hebben er wel even op moeten wachten, maar ik heb eindelijk de tijd en de courage gevonden om mijn op papier gekriebeld patroon leesbaar en (hopelijk) begrijpbaar uit te typen!

Haak je eigen zeemeermindeken

Het zeemeermindeken wordt opgebouwd door een herhaling van dezelfde 4 rijen/rondes en is gebaseerd op een steek gevonden bij MyPicot.com. Eerst wordt in rijen gewerkt tot de gewenste hoogte is bereikt, waarna de ronde wordt gesloten en verder in rondes wordt gehaakt, zodat de typische kokervorm van een zeemeerminnenstaart wordt bekomen. De staartvinnen worden apart, in twee delen gehaakt, en vastgenaaid op de koker, zodat de eigenlijke zeemeerminnenstaart wordt gevormd.
Eenmaal de vier basisrijen/rondes onder de knie zijn, is dit een vrij eenvoudig haakwerkje voor de geoefende haakster.


Spring meteen naar de gewenste plek in het patroon via onderstaande links:


Afmetingen

De omtrek van mijn deken was ongeveer 60cm. De hoogte van het gedeelte waar de benen en voeten in komen was ongeveer 75cm.

Op het einde ga ik nog even in gaan hoe je een grotere of kleinere zeemeerminstaart kunt maken.


Proeflapje

Haak een proeflapje door 37 lossen te haken en daarna de eerste 7 rijen van het patroon voor de staart te volgen.

De 4 te herhalen rijen (aangeduid in het geel in het patroon) hebben een hoogte van ongeveer 3,5cm gehaakt met haaknaald 4,5mm.
Eén schelpje van 6 stokjes heeft een breedte van ongeveer 4cm gehaakt met haaknaald 4,5mm.


Benodigdheden

♠ Wol: Stylecraft Special DK, één bol in zes verschillende kleurtjes, A tot F. Hieronder de kleuren die ik gebruikte voor mijn twee dekens:

groen-blauw roze-geel
A green raspberry
B grass green pomegrenate
C spring green shrimp
D sherbet spice
E turquoise sunshine
F petrol citron

♠ Haaknaald: 4,5mm
♠ Overige: Maasnaald, schaar

Gebruikte steken/technieken

Afkorting Steek/uitleg
AK achterkant
VK voorkant
L losse
HV halve vaste
V vaste
HSTK half stokje
STK stokje
ASTK achterlangs stokje,ook reliëfstokje achterlangs genoemd.

Hierbij haak je niet in een stokje (dus naald onder de v door), maar ga je rond de basis of steel van een stokje haken.

Bij een achterlangs stokje doe je dit door je naald van achter naar voor te steken tussen twee steeltjes door. Vervolgens ga je rond het steeltje en terug naar achter tussen de twee steeltjes door.

Dus concreet:
Maak een omslag (zoals je ook bij een normaal stokje zou doen), steek je naald van achter naar voor rond de basis van het stokje. Werk dan het stokje zoals normaal af.

picot haak 3 lossen, steek naald in 2 lussen van het onderliggende stokje en maak een halve vaste

De halve vaste haak je dus niet in de eerste losse, maar in het onderliggende stokje. Hierdoor krijg je mooiere, vollere picots.


Algemene beschrijving

De basis van het stekenpatroon is een combinatie van schelpjes, picots en achterlangse stokjes, die het effect geven van op elkaar liggende schubben.

Het begin van de staart wordt heen-en-weer gehaakt, zoals een gewoon deken. Nadat ongeveer een hoogte van 30cm wordt bereikt, worden de twee zijden met elkaar verbonden en wordt een echte kokerstaart gevormd. Daarna wordt in het rond verder gehaakt tot de staart een totale hoogte van ongeveer 75cm heeft.
De reden voor het open, heen-en-weer gehaakte gedeelte is zodat gemakkelijk in en uit de staart kan worden gekropen, zonder het dwangbuis-gevoel te hebben.

De staartvinnen worden apart gehaakt en bestaan uit 2 identieke delen die eerst aan elkaar en daarna onderaan de staart worden genaaid.


Het patroon

DE STAART
# Beschrijving Kleur
Start Begin in kleur A met een ketting lossen dat een meervoud van 9 telt. Haak dan nog 1 extra losse. De wiskundige formule is dus 9x+1 lossen.
Voor mijn deken haakte ik een ketting van 136 lossen; dit is (9*15 + 1). Dit geeft dan 15 schubben per rij.
Extra tip: gebruik een iets grotere haaknaald voor het haken van de lossen dan die je gaat gebruiken voor de rest van het deken. Hierdoor voorkom je een te strakke basis. Zo haakte ik mijn ketting met haaknaald 5mm, terwijl de rest met haaknaald 4,5mm werd gehaakt!
A
Rij 1
(VK)
Haak een vaste in de tweede losse en vervolgens in elke losse tot op het einde. In totaal haakte je 9x vasten.
In mijn geval was dit dus 135 vasten.
A
Rij 2
(AK)
Haak 3 lossen en keer je werk. Deze 3 lossen aan het begin van een rij tellen mee als het eerste stokje. Dit is zo doorheen het ganse patroon, tenzij anders aangegeven!
Haak vervolgens een stokje in de tweede vaste en in elke daaropvolgende vaste tot op het einde. Dit geeft je uiteindelijk 9x stokjes (begin 3 lossen meegerekend).
In mijn geval was dit dus 135 stokjes.
A
Rij 3 Haak 3L en keer je werk om.
1STK in volgend stokje; * sla 2 stokjes over; (1STK+1L+1STK) in volgend stokje; sla 2 stokjes over; 1STK in elk van de volgende 4 stokjes *; herhaal wat tussen ** staat tot nog 7 stokjes over zijn (dit is eigenlijk 6 stokjes en de beginketting van 3L van de vorige rij). Sla volgende 2 stokjes over; (1STK+1L+1STK) in volgend stokje; sla 2 stokjes over; 1STK in volgend stokje; 1STK in 3de losse van de onder liggende beginketting.
A
Rij 4 3L, keer;
1STK in volgend stokje; * [(1STK+picot) x6] in ruimte van 1 losse; (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 2e en 3e stokje *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. [(1STK+picot) x6] in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, 1STK in 3de losse.
A
Rij 5 3L, keer;
1STK in volgend stokje; * sla 1e stokje van schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 4 stokjes; (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één schelp over schiet. Sla 1e stokje van laatste schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 4 stokjes; 1STK in volgende, 1STK in 3e losse.
A
Rij 6 3L, keer;
1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 2e en 3e achterlangs stokje; [(STK+picot) x6] in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één groep van 4 achterlangse stokjes over schiet. (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 2e en 3e achterlangs stokje; 1STK in volgende, 1STK in 3de losse.
A
Rij 7 3L, keer;
1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse; sla 1e stokje van schelp over, 1 ASTK rond elk van de volgende 4 stokjes *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. (1STK+1L+1STK) in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, 1STK in 3e losse.
A
Rij 8-16 Herhaal rijen 4 tot 7 twee keer, gevolgd door nog eenmaal rij 4.
Op het einde van rij 16 heb je in het totaal 7 schelpenrijen in kleur A.
A
Rij 17 Wissel naar kleur B. Uitleg over hoe je van kleur kunt wisselen kan je hier lezen: tutorial kleurenwissel.
Haak daarna de rij zoals beschreven bij rij 5.
B
Rij 18-30 Herhaal rijen 6 en 7, gevolgd door twee keer rijen 4 tot 7 en nog eens rijen 4 tot 6.
Op het einde van rij 30 heb je in het totaal 7 schelpenrijen in kleur B.
B
Rij 31-37 Wissel naar kleur C. Herhaal rij 7, gevolgd door één keer rijen 4 tot 7 en nog eens rijen 4 en 5.
Op het einde van rij 37 zou je werkje tussen de 30 en 35 cm hoog moeten zijn.
C
Ronde 38 We gaan nu de ronde sluiten om de echte koker van de zeemeerminnenstaart te haken.
Zoals je wel al gemerkt hebt begint iedere rij met 3 keerlossen en een stokje; en eindigt iedere rij met 2 stokjes. Door de rij te sluiten in een ronde gaan we nu die 4 stokjes reduceren naar 3 stokjes. Dit doen we als volgt:

Haak 2L.
Keer je werk, zodat de andere zijkant links ligt, met de achterkant naar boven. Neem dan deze zijkant vast en breng het naar je haaknaald, waarbij je een koker vormt met de schelpjes aan de buitenkant.
Verbind nu je 2 gehaakte lossen aan de huidige zijkant van het deken met een half stokje in de derde losse aan de andere zijkant van het deken.
Je hebt nu dus de 3 lossen aan het begin van de rij en het stokje op het einde van de rij, vervangen door 2 lossen en een half stokje aan het begin van de eerste ronde. Hopelijk maakt onderstaande schema het duidelijk.

Haak daarna de verder zoals beschreven in rij 6. Eindig met een halve vaste in het half stokje van het begin van de ronde.

C
Vanaf nu ga je dus in rondes verder haken in plaats van in rijen. Je gaat nog steeds verder met het herhalen van de rijen 4 en 7 eerder beschreven, maar nu moet je uiteraard niet meer keren en moet je de laatste halve vaste haken in de 3de losse die je in het begin van de huidige ronde haakte, zodat je effectief de ronde sluit.
Ronde 39-44 Herhaal rij 7, gevolgd door één keer rijen 4 tot 7 en nog eens rij 4.
Op het einde van rij 44 heb je in het totaal 7 schelpenrijen in kleur C.
C
Ronde 45-58 Wissel naar kleur D. Herhaal rijen 5 tot 7, gevolgd door twee keer rijen 4 tot 7 en nog eens rijen 4 tot 6.
Op het einde van rij 58 heb je in het totaal 7 schelpenrijen in kleur D.
D
Ronde 59-63 Wissel naar kleur E. Herhaal rij 7, gevolgd door één keer rijen 4 tot 7 E
Ronde 64 Vanaf nu gaan we beginnen minderen en dit gaan we simpelweg doen door het aantal stokjes per schelpje te minderen. Haak ronde 64 als volgt:
3L, 1STK in volgend stokje; * [(1STK+picot) x5] in ruimte van 1 losse; (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 2e en 3e achterlangs stokje *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. [(1STK+picot) x5] in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse.
E
Ronde 65 3L, 1STK in volgend stokje; * sla 1e stokje van schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 3 stokjes; (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één schelp over schiet. Sla 1e stokje van laatste schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 3 stokjes; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. E
Ronde 66 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in 2e achterlangs stokje, [(STK+picot) x5] in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één groep van 3 achterlangse stokjes over schiet. [1STK+1L+1STK] in 2e achterlangs stokje, 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. E
Ronde 67 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse; sla 1e stokje van schelp over, 1 ASTK rond elk van de volgende 3 stokjes *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. (1STK+1L+1STK) in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. E
Ronde 68-71 Herhaal rondes 64 tot 67 E
Ronde 72 We gaan verder met minderen, we maken nu schelpjes van slechts 4 stokjes!
3L, 1STK in volgend stokje; * [(1STK+picot) x4] in ruimte van 1 losse; (1STK+1L+1STK) in 2e achterlangs stokje *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. [(1STK+picot) x4] in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse.
Op het einde van ronde 72 heb je in het totaal 7 schelpenrijen in kleur E.
E
Ronde 73 Wissel naar kleur F. Haak 3L, 1STK in volgend stokje; * sla 1e stokje van schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 2 stokjes; (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één schelp over schiet. Sla 1e stokje van laatste schelp over, haak 1 ASTK rond elk van de volgende 2 stokjes; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 74 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 1e en 2e achterlangs stokje, [(STK+picot) x4] in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één groep van 2 achterlangse stokjes over schiet. [1STK+1L+1STK] in ruimte tussen 1e en 2e achterlangs stokje, 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 75 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse; sla 1e stokje van schelp over, 1 ASTK rond elk van de volgende 2 stokjes *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. (1STK+1L+1STK) in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 76-79 Herhaal rondes 72 tot 75, maar blijf in kleur F haken (dus wissel niet van kleur in ronde 73) en haak in ronde 72 de groep (1STK+1L+1STK) in de ruimte tussen 1e en 2e achterlangs stokje zoals in ronde 74. F
Ronde 80 En we minderen nog één keer, naar schelpjes van nog slechts 3 stokjes!
3L, 1STK in volgend stokje; * [(1STK+picot) x3] in ruimte van 1 losse; (1STK+1L+1STK) in ruimte tussen 1e en 2e achterlangse stokje *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. [(1STK+picot) x3] in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse.
F
Ronde 81 3L, 1STK in volgend stokje; * sla 1e stokje van schelp over, haak 1 ASTK rond volgende stokje; (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één schelp over schiet. Sla 1e stokje van laatste schelp over, haak 1 ASTK rond volgende stokje; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 82 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in achterlangs stokje, [(STK+picot) x3] in ruimte van 1 losse *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één achterlangs stokje over schiet. [1STK+1L+1STK] in achterlangs stokje, 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 83 3L, 1STK in volgend stokje; * (1STK+1L+1STK) in ruimte van 1 losse; sla 1e stokje van schelp over, haak 1 ASTK rond volgende stokje *; herhaal wat tussen ** staat tot nog één ruimte van 1 losse over schiet. (1STK+1L+1STK) in laatste ruimte van 1 losse; 1STK in volgende, sluit ronde met HV in 3de losse. F
Ronde 84-87 Herhaal rondes 80 tot 83, maar haak in ronde 80 de groep (1STK+1L+1STK) in het achterlangse stokje zoals in ronde 82. F
Ronde 88 3L, STK in volgende stokje; STK in elke volgende ruimte tussen 2 stokjes tot aan laatste stokje; STK in laatste stokje, sluit ronde met HV in 3de losse.
Bind af en werk alle eindjes weg.
F

   

DE STAARTVINNEN
# Beschrijving Kleur
Start Begin in kleur A. Haak 81 lossen A
Rij 1 Haak HSTK in 2e losse en in elke losse tot einde (= 80 HSTK) A
Rij 2 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 75 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 75 HSTK) A
Rij 3 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 75 HSTK) A
Rij 4 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 70 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 70 HSTK) A
Rij 5 Wissel naar kleur B. 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 70 HSTK) B
Rij 6 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 65 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 65 HSTK) B
Rij 7 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 65 HSTK) B
Rij 8 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 60 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 60 HSTK) B
Rij 9 Wissel naar kleur C. 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 60 HSTK) C
Rij 10 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 55 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 55 HSTK) C
Rij 11 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 55 HSTK) C
Rij 12 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 50 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 50 HSTK) C
Rij 13 Wissel naar kleur D. 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 50 HSTK) D
Rij 14 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 45 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 45 HSTK) D
Rij 15 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 45 HSTK) D
Rij 16 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 40 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 40 HSTK) D
Rij 17 Wissel naar kleur E. 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 40 HSTK) E
Rij 18 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 35 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 35 HSTK) E
Rij 19 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 35 HSTK) E
Rij 20 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 30 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 30 HSTK) E
Rij 21 Wissel naar kleur F. 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 30 HSTK) F
Rij 22 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 25 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 25 HSTK) F
Rij 23 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 25 HSTK) F
Rij 24 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elk van de volgende 20 steken. Laat de laatste 5 steken onbewerkt. (= 20 HSTK) F
Rij 23 1L, keer; haak HSTK in de achterste lus van elke steek tot het einde van de rij. (= 20 HSTK).
Bind af en werk eindjes weg.
F
Maak een tweede vin door de bovenstaande rijen nog eens te maken, maar bind op het einde niet af. Na rij 23 haak je voor de tweede vin als volgt verder:

1L, keer; Leg de eerste vin onder de tweede (huidige) vin, zodat de rijen 36 mooi op elkaar liggen. Haak dan in de achterste lus van vin 2 en voorste lus van vin 1 HV in elke steek tot het einde, zodat de twee delen aan elkaar worden gehaakt. (= 20HV)

Constructie en afwerking
De staartvin moet nu onderaan de staart vast genaaid worden.
Neem de staart en gebruik een steekmarkeerder om het midden van de onderkant aan te duiden. Doe hetzelfde voor de dubbele staartvin.

Zoals je merkt is de dubbele staartvin veel breder dan de onderkant van de staart. Dit is perfect zo, want zo krijgen we een mooie, zweverige staart bij het vastnaaien. Alleen het midden en de zijkanten moeten juist zitten. De rest duw je samen tijdens het naaien.

Met de voorkant van de staart naar boven, leg de dubbele staartvin ondersteboven op de staart, zodat de randen die aan elkaar moeten worden genaaid evenwijdig op elkaar liggen, waarbij je ervoor zorgt dat het midden van de staart overeen komt met het midden van de dubbele staartvin.
Neem een lange draad wol en maak die vast in het midden van de staart. Begin dan eerst één kant van de dubbele staartvin vast te naaien door de dubbele dikte van de staart. Plooi hierbij geleidelijk stukken van de vin dubbel, zodat de zijkant van de vin op het einde mooi aan de zijkant van de staart past. Maak je niet ongerust als dit niet zo netjes lukt, op het einde komt dit helemaal goed!
Laat een lang uiteinde van de woldraad aan de zijkant hangen.

Doe nu hetzelfde voor de andere kant. Je hebt nu beide delen van de dubbele staartvin vastgenaaid en hebt aan beide zijkanten nog een lange draad over.

Weef nu de ene draad van de ene zijkant naar de andere zijkant van de staart en de andere draad naar de andere zijkant. Als je deze nu strak trekt, trek je de onderkant van de staart samen.

Nu kan je de laatste eindjes wegwerken en afknippen. Je kunt eventueel ook nog de staartvin wat meer naar boven vast naaien, zodat hij wat mooier open blijft staan.

En voilà, je zeemeerminnenstaart is af!

    


Hoe het patroon aanpassen aan je eigen wensen?

Hierboven heb ik je dus zo goed mogelijk proberen uitleggen hoe je een zeemeerminnenstaart van 60cm omtrek op 75cm hoogte haakt, maar misschien wil je een bredere of langere staart. Hoe doe je dat dan? Wel, met een proeflapje en een klein beetje rekenen en tellen.

♠ Ik wil een bredere staart

In het begin van het patroon voor de staart gaf ik je de formule mee voor hoeveel lossen nodig zijn om het patroon te beginnen, namelijk 9x + 1, waarbij de x staat voor het aantal schelpjes die je in de breedte zult haken.

Ik wou een breedte van 60cm en mijn proeflapje had me geleerd dat één gehaakt schelpje bij mij een breedte van 4cm had. Dus 60 over 4 is 15. Ik moest dus 9*15 + 1 = 136 lossen haken om het patroon te starten.

Is jouw stekenproef dus anders, je hebt bijvoobeeld slechts 3cm breedte voor de schelp, of wil je een breder deken, bijvoorbeeld eentje op volwassenenmaat, dan hoef je enkel jouw getalletjes in bovenstaand voorbeeld te vervangen.

Nog een voorbeeld om helemaal zeker te zijn:
Stel je hebt een stekenproef waarbij de breedte van je schelpjes 5cm is. Daarnaast heb je beslist dat je een deken van 1m of 100cm breed wilt.
Voor 100cm heb jij dus (100/5=) 20 schelpjes nodig in de breedte van je deken. Hiervoor moet je dus beginnen met een startketting van 9*20 + 1 = 181 lossen!

♠ Ik wil een langere staart

Mijn staart heeft een hoogte van ongeveer 75cm en heeft per kleur telkens 7 rijen aan schelpjes. Om in het begin te weten hoeveel rijen ik per kleur moest haken, moest ik dus uiteraard op voorhand al weten hoeveel rijen ik ongeveer ging moeten haken. Ik ging als volgt te werk.

Volgens mijn proeflapje kreeg ik een hoogte van ongeveer 3,5cm na het haken van de 4 te-herhalen rijen. Om dus een totale hoogte van 75cm te bekomen, moest ik ongeveer (75/3,5=) 21 herhalingen van die 4 rijen haken of (21*4=) 84 rijen/rondes in totaal. Daarbij kwamen dan nog de 3 eerste rijen om het patroon op te zetten en 1 ronde om af te sluiten, wat het totaal op 88 rijen bracht.
Ik had op voorhand al besloten om 6 verschillende kleurtjes te gebruiken. Om deze evenredig te verdelen berekende ik ook nog hoeveel rijen/rondes ik per kleur moest haken. Hierbij hield ik geen rekening met de 4 extra rijen buiten de 4 te-herhalen rijen om, wat mij (84/6=) 14 rijen/rondes per kleur opleverde. De schelpjes worden om de 2 rijen gehaakt, dus zo bekwam ik dus (14/2=) 7 rijen aan schelpjes per kleur.

Nog een voorbeeldje:
Stel je hebt een stekenproef waarbij je een hoogte van 5cm bekomt bij de 4 te-herhalen rijen. Daarnaast zou je graag een staartlengte van 150cm willen.
Voor 150cm heb jij dus (150/5=) 30 herhalingen van die 4 rijen nodig; of (30*4=) 120 rijen in totaal. Plus de 3 extra rijen in het begin en de 1 extra rij op het eind geeft dit een totaal van 124 rijen.
Om dit nu te verdelen over 6 kleurtjes, houd je enkel rekening met de 120 rijen in herhalingen. Dit betekent dat je om de (120/6=) 20 rijen van kleur moet veranderen, of om de 10 schelpenrijen.

En voilà, nu zou je alle informatie moeten hebben om jouw perfecte zeemeerminnenstaart te haken!


En dat was het!
Ik ben reuzebenieuwd naar jullie zeemeerminnendeken, dus als je hem maakt, stuur me zeker een berichtje met jullie foto’s!

Dit patroon is gratis en enkel voor persoonlijk gebruik. Ik vraag jullie dan ook om dit patroon niet zomaar zonder mijn toestemming te gaan delen!
Mocht je het patroon gehaakt hebben en er blij mee zijn, dan kan je me altijd een extra bedankje toesturen via een donatie. Ik zou dat alvast super lief vinden! Donaties kan je doen via onderstaande knop!





En natuurlijk, mocht je nog vragen hebben of je vindt een foutje in het patroon, aarzel dan niet om me te contacteren via een reactie hier onder of via het contactformulier!

Veel haakplezier!

Groetjes,
Charlotte

4 gedachten over “Gratis haakpatroon: Zeemeermindeken

Geef een reactie