The Miniaturist

The Miniaturist door Jessie BurtonThe Miniaturist van Jessie Burton kocht ik in februari via Bookdepository. Ik kwam de titel ergens tegen op Goodreads. De cover was een plaatje, het gegeven intrigerend en de recensies vooral lovend. Dus toen ik nog eens zin had om een bestelling te plaatsen bij mijn favoriete online boekenwinkel (ja, ik heb zo af en toe van die kuren), werd deze zonder al te veel twijfel aan het winkelwagentje toegevoegd.

The Miniaturist speelt zich af in het Amsterdam van de 17de eeuw en volgt Petronella Oortman die na haar huwelijk met Johannes Brandt, een succesvolle VOC-koopman, verhuist naar een huis aan de prestigieuze Herengracht. Als huwelijkscadeau krijgt ze van haar kersverse echtgenoot een prachtige miniatuurversie van hun huis. Maar wanneer Petronella een miniaturist aanschrijft om te helpen het poppenhuis te vullen, is dit het begin van een aantal bizarre gebeurtenissen.

Laat ik beginnen met het zeggen dat ik dit boek de schuld geef van mijn 3-maanden-durende leesdip. Nadat ik het uit had, had ik echt absoluut geen zin meer om te lezen, noch op papier, noch op de e-reader. Dit zegt dus genoeg over wat ik vond van het boek: een ware ontgoocheling.

Ten eerste heb ik me serieus moeten dwingen om het boek uit te lezen. Het verhaal komt heel traag op gang, kabbelt en kabbelt maar door. Een maand heb ik nodig gehad om het uit te krijgen, wat voor mij dus echt wel veel is.
Ten tweede kreeg ik weinig voeling met de personages. Ze doorstaan tragedies en worden gedesillusioneerd, maar het kon me eerlijk gezegd niet zo veel schelen. Hun acties en gevoelens vond ik ongeloofwaardig en vaak compleet onbegrijpelijk.

Uiteindelijk wou ik het boek toch echt uitlezen, ook al was het een ware worsteling. Waarom? Omdat ik potjandorie wou weten hoe het nu eigenlijk zat met die mysterieuze miniaturist.
Heel (heeeeeeeel!) gestaag wordt het mysterie rond dit raadselachtige personage opgebouwd. Steeds wanneer je denkt dat het geheim ontrafelt zal worden, wordt je weer naar een andere ongerelateerde gebeurtenis of saaie conversatie geleid. En dan opeens is het boek gedaan. Bepaalde gebeurtenissen komen tot een opnieuw weinig geloofwaardige crescendo, maar het hoe en wat van de miniaturist wordt nooit echt uitgelegd. Het blijft allemaal zeer vaag en onduidelijk.
Toen ik de laatste pagina uit had dacht ik echt dat er een hoofdstuk of twee aan mijn boek ontbraken, maar toen dit niet het geval bleek te zijn, bladerde ik in mijn verwarring opnieuw naar het cryptische eerste hoofdstuk, hopende dat ik daar iets over het hoofd had gezien. Maar neen, het boek eindigt echt zonder enige uitleg over het titelpersonage.

Ja, ik weet dat ik hiermee waarschijnlijk een belangrijk element van het boek verklap en ik zou me hiervoor kunnen excuseren, maar dat ga ik niet doen.
Serieus, wanneer je je boek als titel “The Miniaturist” meegeeft, dan mag een mens toch wel verwachten dat dit een belangrijk personage zal zijn dat uiteindelijk een achtergrond en een motief zal meekrijgen. Wanneer dan blijkt dat dit gewoon een soort Deus ex Machina is, een krampachtige poging om een dun verhaal enige geheimzinnigheid mee te geven, zonder enige diepgang of relevantie op het eind, dan mag een mens toch wel teleurgesteld zijn en besluiten dit element te verklappen. Zo hoop ik misschien toch een aantal van jullie de ontgoocheling en de daarop volgende desinteresse in boeken te kunnen besparen die ik heb opgelopen na het lezen van The Miniaturist.

Moest je na het lezen van deze recensie het boek toch een kans willen geven, het is beschikbaar in het Nederlands met de titel Het huis aan de gouden bocht.

Sporten en slaatjes

De laatste tijd eet ik veel slaatjes.
Dit komt omdat ik niet meer elke middag in de kantine op het werk (of de mess zoals wij die noemen, niet dat we soldaten zijn. Toch niet in de strikte zin van het woord.) eet. Ik breng nu vaak mijn eigen lunch mee en dat zijn meestal slaatjes. Veel gezonder dan de dagschotels in de mess, die vaak vettig en zoutig zijn.

De reden waarom ik niet meer elke middag uit ga lunchen is omdat ik mijn middagpauze nu gebruik om te sporten. Een collega en ik zijn namelijk al aan onze zesde week van de Top Body Challenge bezig!

Geen paniek, dat ben ik niet. Dit is gewoon het voorblad van het programma!

Geen paniek, dat ben ik niet. Dit is gewoon het voorblad van het programma!

De Top Body Challange (TBC) is een trainingsprogramma van 12 weken, waarbij je 3 keer in de week in een half uur de voorgelegde oefeningen moet uitvoeren om sterkere en strakkere spieren te verkrijgen.
Op maandag train je de dijen en buikspieren; op woensdag de armen en het achterwerk; en op vrijdag doe je een combinatie van de vier spiergroepen.

TBC - week 1

Elke dag bestaat uit 3 circuits van telkens 3 oefeningen. Circuit 1 en 2 herhaal je 2 keer en circuit 3 doe je één keer. En dat zou slechts een halfuur in beslag mogen nemen. Tempo is dus cruciaal.
Bovendien raad het TBC-programma ook aan dat je op de tussenliggende dagen ook een vorm van cardio doet, zoals lopen, vooral als je vet wilt verbranden. Daarnaast kan je bij het programma ook een voedingsschema volgen.

Nu, ik neem met het TBC-programma voldoening. Geen extra cardio of speciaal dieet voor mij.
Persoonlijk vind ik 3 keer in de week sporten al meer dan genoeg, vooral als je weet dat ik daarvoor helemaal niks intensief deed. Om dan opeens tussen de 3 sessies TBC ook nog eens een start-to-run te gaan doen, dat komt niet goed.
En diëten, dat is niks voor mij. Ik kan me daar niet aan houden. Van zodra ik nog maar aan het woord dieet denk, grijp ik al naar een zak chips. Geen doorzettingsvermogen wat dat betreft.

Maar zoals gezegd, ondertussen zijn we al 6 weken bezig!
Dat is het langste ooit dat ik een sportprogramma heb volgehouden! Dit komt volgens mij helemaal doordat ik het niet alleen hoef door te worstelen. Als het even niet lukt of ik heb echt geen zin, dan is mijn collega er om me aan te sporen.
Het feit dat we het programma doen tijdens de middagpauze is ook een positief punt. ’s Avonds na het werk ben ik meestal volledig murw, dat ik het waarschijnlijk al lang had opgegeven.

Het is wel niet van de poes hoor, dat programma, maar daarom heet het ook een uitdaging, zeker?
Week 1 was echt zwaar, vooral ook de dag na een training met hele stramme en stijve spieren. Maar vanaf week 2 heb ik er eigenlijk nog weinig last van gehad, van die stramme spieren. Natuurlijk voelde ik dat ik gesport had en natuurlijk voelde ik de spieren, maar het was niet dat het zo pijnlijk was dat ik niet kon gaan of de armen kon heffen.
Zoals voor elke programma zijn er oefeningen die ik gemakkelijker vind dan andere. Ik denk dat dit vrij normaal is, iedereen heeft spieren die beter zijn dan andere. Maar ook dankzij de aansporingen van mijn collega vervolledig ik ook die moeilijkere oefeningen. En voor je het vraagt, ja, dit is een tweerichtingsstraat. Ook ik moedig haar aan voor de oefeningen die zij minder vindt (ook al zijn die voor haar veel schaarser dan voor mij 😉 ). En zo zitten we al aan week 6, voorbij het halfweg punt!

En de resultaten?
Tjah, zien doe ik ze niet meteen. Ik neem elke week foto’s en leg die dan naast mekaar voor vergelijking, en daar zie ik niet echt een frappante verandering aan mijn lichaam. En toch, toch krijg ik opvallend meer opmerkingen dat ik er goed uit zie of vragen of ik vermagerd ben *grijns*. Het moet dus toch ergens zichtbaar zijn, ook al is het niet zo voor mijn hyperkritische oog.
Maar wat ik eigenlijk veel belangrijker vind is hoe ik mij voel. En hier kan ik wel zeggen dat ik een gigantische verbetering voel in mijn conditie. Waar ik in week 1 nauwelijks een woord kon uitbrengen en een hoofd als een tomaat had; kan ik nu blijven praten tijdens de oefeningen en is mijn kleur al minder diep na het einde van een sessie. Ik voel ook dat spieren onderhuids steviger en strakker zijn, ook al is het niet direct zichtbaar is. Dat komt misschien nog.

Op naar de volgende 6 weken. Deze beloven lastiger te worden, vooral omdat ik mijn zomerverlof heb gepland voor die weken die samenvallen met week 10, 11 en 12 van het programma. Oepsies… We zien wel! Ik ben nu al zo ver en wil het absoluut niet opgeven!

Wow, ik heb meer geschreven over mijn gesport dan ik eigenlijk van plan was. Ik ben dit bericht begonnen met het plan wat te schrijven over die zelfgemaakte lunches waar ik in het begin over sprak.
Wat ik het moeilijkst vind aan het maken van lunchpakketten is om niet steeds op hetzelfde terug te vallen en er voldoende variatie in te brengen om het interessant te houden. Daarom dacht ik dat het misschien leuk zou zijn om mijn lunchpakketten en slaatjes hier bij te houden, voor later en voor iedereen die geïnteresseerd is.
Maar omdat dit bericht nu al heel lang is, zal het voor een volgende keer zijn!

En ondertussen vraag ik mij af of jullie een bepaalde routine in het sporten hebben? Volgen jullie een trainingsprogramma?
En wat doen jullie voor de lunch? Welke zijn jullie favoriete lunchpakketten?

Groetjes,
Charlotte

Op de naald

Goh, ik ben echt niet goed in bloggen over werkjes waar ik mee bezig ben. Voor het moment ben ik bezig met drie breiwerkjes en voor een vierde ben ik proeflapjes aan het maken om de geschikte naald te kunnen kiezen. Ik kan precies wel goed bloggen over de twijfel-twijfel-twijfel die gepaard gaat met het beginnen aan iets, tot op het vervelende toe misschien 😉 , maar om jullie dan op de hoogte te houden van het brei- of haakproces, dat lukt me niet zo goed precies. Dus ik probeer even bij te benen!

BotI 003

Omdat ik maar niet goed kon starten met de geplande streepjessjaal, begon ik uit pure frustratie aan deze Bigger-on-the-Inside sjaal. Dit is een sjaal geïnspireerd op de Doctor Who tv-serie en begint met een sectie van kantwerk, waar dan later een stuk wordt aangebreid met representaties van de Tardis.
Momenteel zit ik nog aan het eerste stuk met kantwerk. Eerst vlotte het niet zo snel, omdat ik er enkel na het werk of in het weekend aan werkte, maar dan besloot ik mijn moed bij elkaar te rapen en het mee te nemen op de trein. Haken deed ik al meer op de trein. Haken kan ik ook beter dan breien, dus de drempel om het en plein public te doen was niet zo groot. Voor breien lag dit wel anders en ik moest die schroom toch eventjes overwinnen, maar uiteindelijk viel dit vrij goed mee. De sjaal is dan ook al een aardig stukje gegroeid.

Nu lig die wel weer eventjes in de vriezer, ten gevolge van de steeds stijgende temperaturen en omdat ik prioriteit geef aan mijn andere projecten. Zoals de Moana jurk in Catania, waar ik zoveel over gezaagd heb. Dit is nu mij treinproject 😀

Moana 004

Zoals je ziet zit ik aan de laatste rechte lijn om het jurkje af te maken. Ik vind het echt een fantastisch patroon, heel goed beschreven en eigenlijk wel vrij gemakkelijk. Het meest coole stukje breien vond ik toch wel de mouwen.

Moana 005

Het jurkje wordt in 1 stuk gebreid, net zoals mijn allereerste gebreide jurkje. Om de mouwen te verkrijgen dienen steken afgezet te worden en bij het afzetten van de mouwen bij deze Moana wordt dit leuke randje gebreid door een combinatie van het opzetten en afzetten van steken. Geweldig vond ik dat!

Het enige wat ik een beetje jammer vind is dat het jurkje toch kleiner is uitgevallen als verhoopt.
Ik gebruik een fijner garen dan aangeraden in het patroon en gebruik dan ook een kleinere breinaald. Om dit te compenseren brei ik dan ook een grotere maat dan de gewenste eindmaat. Ik maak het patroon volgens de instructies voor de maat 10 jaar, in de hoop een 5 jaar te krijgen, maar de borstomtrek van het jurkje geeft me eerder een 2 à 3 jaar. Daarom ben ik nu ook aan het compenseren voor de lengte, waardoor het jurkje dus toch sneller af zal zijn dan gedacht EN minder wol zal eisen.
Hopelijk past het één van mijn nichtjes, zodat het niet voor niks is geweest. Ik ben echter wel al van plan om het jurkje opnieuw te breien, deze keer wel met een dikker garen!

En dan als laatste, maar daarom niet het minste, het Phildar hommeltuniekje.

Hommeltuniekje 003

Het rugpand heb ik af, dus nu nog het voorpand, de mouwen en de randstukken. Ik heb dus nog wel eventjes werk 😉
Al bij al ben ik wel tevreden met hoe dit stuk er al uit ziet, maar ook hier maak ik me een beetje zorgen over de maat en dan vooral de lengte. Het valt een paar centimeter korter uit dan zou moeten en dat is eigenlijk wel mijn eigen schuld. Ik heb te veel gekeken naar de gesuggereerde aantal te breien rijen, dan effectief het meetlint boven te halen. Dus ja, ik weet niet zo goed wat ik hiermee ga aanvangen. Ik kan eventueel nog iets meer lengte maken door de boord die dan aan de onderkant van het jurkje moet wat langer te maken dan aangegeven. Ik zie wel.

En voilà, dat is waar ik momenteel mee bezig ben.
Het kriebelt ondertussen ook om nog een vierde breiwerk op te zetten en ik overweeg ook om een nieuw haakwerk te beginnen, eentje waar ik al zo lang aan wil beginnen. Je hoort het ongetwijfeld wel!

Nog een fijne zondag!